Blogs / 

Monumenten en duurzaamheidseisen: diverse relevante ontwikkelingen

Vastgoed & Overheid

7 mei 2026

Geschreven door

David Wenniger

Blog Image

Bent u eigenaar van een rijks- een provinciaal of een gemeentelijk monument? Dan krijgt u per 29 mei 2026 te maken met een belangrijke wijziging: de uitzondering op de energielabelplicht voor monumenten vervalt. In deze blog leest u wat er verandert, waarom dit gebeurt en wat dit voor u betekent.

Huidige situatie: geen energielabel nodig

Op dit moment zijn monumenten uitgezonderd van de verplichting om bij verkoop of verhuur een energielabel beschikbaar te stellen aan de koper c.q. de huurder. Die uitzondering staat in artikel 6.28 onder b. van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Daarin is bepaald dat de energielabelplicht van artikel 6.27 Bbl niet van toepassing is op monumenten.   

Wat verandert er per 29 mei 2026?

Vanaf 29 mei 2026 moeten monumenteigenaars bij verkoop of verhuur van het monument een geldig energielabel aan de koper, c.q. de huurder beschikbaar stellen. Dit geldt ongeacht of het pand een gemeentelijk, provinciaal of rijksmonument is.

De labelplicht geldt alleen voor huurovereenkomsten die op of na 29 mei 2026 zijn afgesloten. Voor reeds bestaande huurovereenkomsten geldt dus niet dat de monumenteigenaar een energielabel aan de huurder beschikbaar moet stellen. 

Waarom vervalt de uitzondering? 

De reden voor deze wijziging is de invoering van de herziene Europese richtlijn energieprestatie van gebouwen: Richtlijn 2024/1275/EU, ook wel "EPBD IV" genoemd. Deze richtlijn draagt lidstaten op om uiterlijk 29 mei 2026 wetgeving te hebben geïmplementeerd die er onder andere voor zorgt dat ook voor beschermde monumenten een energieprestatiecertificaat beschikbaar is. 

De achterliggende gedachte van de EPBD is steeds geweest om het energieverbruik van gebouwen in de EU te beperken. 

Let op: verduurzamen monument is vaak vergunningplichtig

Hoewel het beschikbaar hebben van een energielabel niet verplicht tot verduurzaming, lijkt het stimuleren van verduurzaming de achterliggende gedachte. Daar staat echter tegenover dat voor vrijwel elke verduurzamingsmaatregel aan een monument een vergunningplicht geldt. Het "in enig opzicht"  wijzigen van een monument is zonder omgevingsvergunning immers verboden. 

Ter illustratie: In een uitspraak van 6 november 2024 oordeelde de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State dat een eigenaar van een gemeentelijk monument in Utrecht, die houten kozijnen met enkel glas had vervangen door kunststof kozijnen met HR++glas, alles moest terugbrengen in de oude staat — op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 10.000,-. 

En dat een omgevingsvergunning voor verduurzaming van een monument niet altijd wordt verleend blijkt onder andere uit een uitspraak van de Raad van State van 19 oktober 2022. Daarin oordeelde de Raad van State dat het college B&W van Amsterdam terecht een omgevingsvergunning voor (onder andere) het vervangen van getrokken glas door dubbel glas in een gemeentelijk monument had geweigerd. 

Uit beide voorbeelden blijkt dat er situaties zijn waarin het belang van verduurzaming van een monument moet wijken voor het belang van het behoud van (monumentale onderdelen van) het monument. Het is dus geen gegeven dat verduurzaming van een monument wordt toegestaan. 

Uitzonderingen 

Niet alle monumenten worden per 29 mei 2026 getroffen door de nieuwe energielabelplicht. Monumenten die worden gebruikt voor religieuze activiteiten blijven uitgezonderd (artikel 6.28 sub c Bbl). 

Let op: deze uitzondering geldt alleen voor het gedeelte van het monument dat daadwerkelijk voor erediensten wordt gebruikt. Wordt een deel van een kerkgebouw bijvoorbeeld verhuurd als kantoorruimte of woning, dan geldt voor dat gedeelte wél de energielabelplicht.

Voor kantoorgebouwen geldt als extra eis dat deze minimaal energielabel C moeten hebben om als kantoor te mogen worden gebruikt (artikel 3.87 Bbl). Voor monumentale kantoorgebouwen geldt een uitzondering op deze verplichting, en ook deze uitzondering blijft na 29 mei 2026 bestaan.

Wat betekent dit voor u als monumenteigenaar?

Bent u van plan uw monument, dat voor bewoning is bestemd, te verkopen of te verhuren na 29 mei 2026? Laat dan tijdig een energielabel opstellen. 

De labelplicht maakt niet dat verduurzamen van het monument verplicht is. Overweegt u niettemin verduurzamingsmaatregelen? Stem uw plannen dan af met het college B&W van uw gemeente voordat u (indien nodig) een omgevingsvergunning aanvraagt. Verduurzamen zonder vergunning kan leiden tot de verplichting alles terug te brengen in de oorspronkelijke staat, op straffe van forse dwangsommen. Ook als dat vanuit oogpunt van verduurzaming een stap achteruit is.

Toekomst: verhuurverbod voor woningen met label E, F of G per 1 januari 2029 

De regering is van plan om vanaf 1 januari 2029 een verhuurverbod in te voeren voor woningen met energielabel E, F of G. Woningen moeten op dat moment ten minste energielabel D hebben om verhuurd te mogen worden. Eind 2025 heeft de minister van Volkshuisvesting een  internetconsultatie gepubliceerd over een conceptbesluit om het Bbl op dit punt te wijzigen. Daarin staat dat monumenten “vooralsnog” vrijgesteld zijn van de eis om tenminste energielabel D te hebben om te mogen worden verhuurd. 

Er is nog geen definitieve regeling vastgesteld die de verhuur van woningen met energielabel E, F of G verbiedt. Of monumenten van dit verbod vrijgesteld zullen blijven is dus nog een open eind. 

Vragen?

Bent u eigenaar van een monument en wilt u juridisch advies? Ons team Monumentenrecht (David Wenniger, Arjen van Rijn of Jacco van Lint) kan u adviseren. Ons team Monumentenrecht geeft ook regelmatig cursussen Monumentenrecht voor gemeenten en vastgoedprofessionals.

 

Neem dan contact op met David Wenniger, Arjen van Rijn of Jacco van Lint.

Nieuwsbrief

Wilt u elke maand een overzicht van updates en blogs in uw mailbox? Schrijf u dan in voor onze nieuwsbrief!