
De Ondernemingskamer van het Gerechtshof Amsterdam (‘OK’) oordeelde op 6 mei 2026 (ECLI:NL:2026:1232) dat DecatNS, onderdeel van het internationale concern Decathlon, ten onrechte geen advies had gevraagd aan de Ondernemingsraad over een ingrijpende reorganisatie van het Design Team. Hoewel DecatNS stelde dat slechts sprake was van een beperkte organisatorische aanpassing binnen een internationaal concern, zag de OK hierin een belangrijke wijziging van de organisatie en werkzaamheden zoals bedoeld in artikel 25 WOR. De uitspraak onderstreept dat ook binnen internationale matrixorganisaties de Nederlandse medezeggenschapsregels onverkort blijven gelden.
De kern van het geschil draaide om de reorganisatie van het Design Team binnen de Digital Organisation van DecatNS. Het reorganisatiebesluit voorzag in een afname van het aantal medewerkers bij Digital Design en het Design Team en een wijziging in de aansturing van de medewerkers van het Design Team. Zij worden niet langer centraal aangestuurd maar vanuit de Units waarvoor zij werken. Hierdoor zullen zowel de inrichting en aansturing van de werkzaamheden van het Design Team als de rapportagelijnen en de positie van de leidinggevenden binnen DecatNS en het Design Team aanzienlijk wijzigen.
De Ondernemingsraad werd hierover geïnformeerd en ontving presentaties over de plannen. In deze eerste fase werd toegezegd dat een adviesaanvraag zou worden verstrekt. Een formele adviesaanvraag bleef echter uit, terwijl wel plannen werden gemaakt om de reorganisatie uit te voeren. DecatNS stelde zich in deze fase op het standpunt dat het slechts om een formalisering zou gaan van een bestaande situatie en dat geen sprake is van een belangrijk besluit in de zin van de WOR. De Ondernemingsraad bleef echter aandringen op een formele adviesaanvraag ten aanzien van de reorganisatie. Op deze verzoeken werd door DecatNS niet gereageerd en de reorganisatie werd doorgezet. In plaats daarvan ontving de Ondernemingsraad het verzoek om te adviseren over een ander voorgenomen besluit, te weten het voorgenomen besluit om de Nederlandse entiteit te liquideren als gevolg waarvan alle arbeidsovereenkomsten met de medewerkers bij deze entiteit zouden worden beëindigd.
Het reorganisatiebesluit van DecatNS werd voorgelegd aan de OK waarbij de Ondernemingsraad verzocht te bepalen dat in redelijkheid niet tot het besluit kon worden gekomen en daarnaast ook een aantal voorlopige voorzieningen te treffen. DecatNS stelde dat geen sprake was van een belangrijk besluit en dat de wijzigingen moesten worden gezien als een formalisering van een reeds bestaande situatie. Daarnaast stelde DecatNS zich bovendien op het standpunt dat de Ondernemingsraad geen redelijk belang had bij de gevraagde voorzieningen omdat de entiteit toch zou worden geliquideerd.
De OK stelt vast dat met deze reorganisatie niet alleen het aantal medewerkers van Digital Design wordt teruggebracht, maar ook dat het een belangrijke wijziging van de werkzaamheden binnen de onderneming meebrengt; het Design Team houdt op als zelfstandige centraal georganiseerde organisatie te bestaan en de aansturing van de werkzaamheden van de medewerkers van het Design Team verschuift naar de Units, met een bijbehorende wijziging van de rapportagelijnen en de positie van de leidinggevenden van het Design Team. Dat maakt de voorgenomen reorganisatie een belangrijk besluit in de zin van artikel 25 WOR. DecatNS heeft weliswaar aangevoerd dat geen sprake is van een belangrijke reorganisatie of wijziging, omdat een en ander in lijn zou zijn met de al bestaande situatie, maar dit vond de OK niet goed passen bij de mededelingen die al aan de Ondernemingsraad waren gedaan en de toezegging dat de Ondernemingsraad om advies zou worden gevraagd.
In dit geval had DecatNS geen advies gevraagd. De Ondernemingsraad kan in die situatie ook beroep instellen tegen het feit dat ten onrechte geen advies is gevraagd. De OK benadrukt bovendien dat de verantwoordelijkheid voor een zorgvuldig en transparant verloop van het medezeggenschapstraject bij de ondernemer ligt.
Wat betreft de opmerking van DecatNS dat de Ondernemingsraad bij het verzoek geen belang zou hebben, omdat de Nederlandse entiteit toch zou worden geliquideerd, merkt de OK treffend op dat juist nog niet vast staat dat het liquidatiebesluit zal worden genomen; de Ondernemingsraad moet daar immers nog over adviseren. DecatNS lijkt deze stap te missen in het voornemen tot liquidatie. De OK benadrukt dat tot daarover is geadviseerd zowel de Ondernemingsraad als DecatNS belang bij een juiste naleving van de medezeggenschap ten aanzien van het besluit tot reorganisatie van het Design Team.
De OK heeft ook oog voor de internationale context van deze situatie en heeft er begrip voor dat het besluit tot reorganisatie van het Design Team onderdeel is van een wijziging van de Digital Organisation binnen de gehele Decathlon-groep en dat DecatNS in dat opzicht niet altijd zeggenschap heeft (gehad) over de wijze waarop de werkzaamheden van het Design Team binnen de Units worden verricht. Dat laat wat de OK betreft echter nog steeds onverlet dat DecatNS verantwoordelijk is voor en zeggenschap heeft over de wijze waarop daar binnen de Nederlandse onderneming invulling aan wordt gegeven. Kortom, dat de reorganisatie onderdeel was van een bredere wijziging binnen het internationale concern maakt dit niet anders. Ook als besluiten (deels) op concernniveau worden genomen blijft de Nederlandse entiteit verantwoordelijk voor de wijze waarop die binnen de eigen onderneming worden uitgevoerd en moet de OR daarbij op de juiste wijze worden betrokken.
Deze uitspraak past in een bredere lijn van de OK ten aanzien van internationale ondernemingen en concernstructuren. In een tijd waarin ondernemingen steeds vaker internationaal opereren en in een tijd waar het kan voorkomen dat strategische beslissingen op een ander niveau worden genomen dan het niveau waarop de ondernemingsraad is ingesteld, ligt vaker de vraag voor hoe de bepalingen uit de WOR dienen te worden toegepast. De OK maakt steeds duidelijk dat een internationale context geen uitzondering vormt op de verplichtingen uit de WOR. De adviesplicht voor de (Nederlandse) ondernemer blijft bestaan. Ook wanneer een besluit voortvloeit uit een internationaal reorganisatieplan blijft de Nederlandse ondernemer immers verantwoordelijk voor de gevolgen binnen de eigen onderneming en moeten de belangen steeds worden afgewogen.
Neem voor vragen contact op met Eveline Bakker, advocaat Arbeidsrecht en Ondernemingsrecht.
Deze blog is geschreven voor HERO.
Wilt u elke maand een overzicht van updates en blogs in uw mailbox? Schrijf u dan in voor onze nieuwsbrief!