
Stel dat een gemeente uw aanvraag om een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit weigert. Dan kan het bijvoorbeeld nuttig zijn om te achterhalen of de gemeente in eerdere gelijke gevallen wel een omgevingsvergunning heeft verleend. Of u bent van plan om een pand te kopen dat op grond staat die door de gemeente in erfpacht is uitgegeven. Mogelijk wilt u dan weten of de gemeente aan de erfpachter eerder toezeggingen heeft gedaan over afkoop van de erfpacht. In deze beide gevallen kunt u een verzoek indienen bij de gemeente om de relevante documenten openbaar te maken, op grond van de Wet open overheid (hierna: “Woo”). Maar ook in vele andere gevallen kan een Woo-verzoek ingediend worden. Wij staan regelmatig cliënten bij in kwesties waarin een Woo-verzoek aan de orde is.
Alle informatie waarover een bestuursorgaan beschikt en die verband houdt met de publieke taak van het bestuursorgaan, is publieke informatie (artikel 2.1 Woo). Met een Woo-verzoek kan iedereen aan een bestuursorgaan verzoeken om publieke informatie openbaar te maken (artikel 4.1 lid 1 Woo). De verzoeker hoeft niet aan te geven welk belang hij bij openbaarmaking heeft (artikel 4.1 lid 3 Woo), en het bestuursorgaan mag de belangen van de verzoeker ook niet betrekken bij het besluit om de informatie al dan niet openbaar te maken. Dus ook zonder eigen belang kan een Woo-verzoek worden ingediend.
Slechts in enkele uitzonderingssituaties, die in de Woo zijn beschreven, kan het bestuursorgaan weigeren om documenten openbaar te maken, of om delen van documenten die wél openbaar gemaakt worden onleesbaar maken.
NB: Sinds de inwerkingtreding op 1 mei 2022 vervangt de Woo de Wet openbaarheid van bestuur (Wob), op basis waarvan voorheen een “Wob-verzoek” kon worden ingediend.
De rechter toetst volledig – en dus niet marginaal – of het bestuursorgaan terecht heeft besloten om (delen van) documenten niet openbaar te maken, zo blijkt uit de volgende recente voorbeelden.
II-A Onterecht besluit om geen enkel document openbaar te maken
Verzoeker vraagt bij het college B&W van Zeewolde om openbaarmaking van onder andere alle correspondentie met kopers van gemeentelijke gronden vanaf 2018. Het college weigert integraal om deze documenten openbaar te maken, zonder dat het college eerst heeft geïnventariseerd welke documenten onder het verzoek vallen. Volgens het college is communicatie met kopers over de grondprijs niet geschikt om openbaar te maken, omdat het concurrentiegevoelige informatie betreft. Het college beroept zich op de uitzondering van artikel 5.1 lid 5 Woo (onevenredige benadeling van een belang).
De rechtbank Midden-Nederland oordeelt dat het college zonder inventarisatie van de relevante documenten niet kan weigeren om de gevraagde documenten openbaar te maken. Zonder inventarisatie kan de rechtbank niet controleren of de weigering terecht is. De rechtbank vernietigt het besluit en draagt het college op om te inventariseren welke documenten onder het verzoek vallen. Het college moet per onderdeel onderbouwen op welke grond openbaarmaking eventueel wordt geweigerd.
II-B: Zoekslag is niet inzichtelijk
Aan het college B&W van de gemeente Ameland wordt verzocht om documenten openbaar te maken over de vergunningverlening aan de NAM/Shell van diverse activiteiten op en rondom Ameland. Het college besluit om alle documenten openbaar te maken die volgens het college in bezit zijn van de gemeente Ameland. De verzoeker stelt echter dat de gemeente meer documenten zou moeten hebben dan de documenten die openbaar zijn gemaakt, en gaat in bezwaar en daarna in beroep.
De rechtbank oordeelt dat een bestuursorgaan voldoende inzichtelijk moet maken hoe is gezocht naar documenten (“de zoekslag”). In lijn met de jurisprudentie van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt de rechtbank dat de zoekslag inzichtelijk kan worden gemaakt door specifiek te vermelden:
De rechtbank oordeelt dat niet duidelijk is geworden hoe het college heeft gezocht naar documenten. Daarom kan de rechtbank niet beoordelen of de stelling van het college dat alle beschikbare documenten openbaar gemaakt zijn geloofwaardig is. De rechtbank vernietigt het besluit van het college en draagt het college op om een nieuw besluit te nemen, waarbij de zoekslag inzichtelijk wordt gemaakt.
Zie voor een ander voorbeeld ECLI:NL:RVS:2022:3029, waarin de Afdeling oordeelde dat ook e-mailboxen van wethouders bij de zoekslag moeten worden betrokken als de verzoeker dat specifiek vraagt (rechtsoverweging 6.9).
II-C Teveel zwart gelakt
Eiser verzoekt het college B&W van Schiedam om informatie over de heruitgifte van erfpachtrechten op bedrijventerrein de Spaanse Polder. Het college maakt diverse documenten openbaar. Maar daarbij maakt het college een groot deel van de documenten onleesbaar door deze alinea’s zwart te lakken. Volgens het college zouden de zwart gelakte onderdelen niet onder het verzoek vallen. Eiser gaat hiertegen in bezwaar, en daarna in beroep bij de rechtbank.
Na kennisname van de zwart gelakte onderdelen, oordeelt de rechtbank dat deze onderdelen ten onrechte zijn zwart gelakt. Ook oordeelt de rechtbank dat het college een te beperkte zoekslag heeft verricht: het college heeft alleen gezocht naar gesloten erfpachtcontracten, terwijl ook gezocht had moeten worden naar andere informatie waaruit de erfpachtvoorwaarden en uitzonderingen blijken. De rechtbank vernietigt het besluit van het college op het verzoek van eiser, ten aanzien van deze onderdelen.
NB: Artikel 8:29 lid 6 Awb geeft de bestuursrechter specifiek de mogelijkheid om kennis te nemen van stukken waarvan met een Woo-verzoek om openbaarmaking is verzocht, maar openbaarmaking door het bestuursorgaan is geweigerd. De rechter kan dan vertrouwelijk de geweigerde documenten en de zwart gelakte onderdelen bekijken en zo een eigen oordeel vormen over al dan niet openbaarmaking ervan.
Uit deze voorbeelden blijkt dat bestuursorganen niet lichtzinnig kunnen weigeren om gevraagde informatie openbaar te maken. Het bestuursorgaan moet gedetailleerd kunnen aantonen hoe is gezocht naar documenten. Bij weigering om informatie openbaar te maken moet het bestuursorgaan dit de weigering per onderdeel van een document onderbouwen. Is de verzochte informatie ouder dan vijf jaar, dan moet het bestuursorgaan extra motiveren waarom openbaarmaking wordt geweigerd (artikel 5.3 Woo).
Verder is van belang dat niet alleen informatie over bestuursrechtelijke kwesties kan worden opgevraagd (vergunningen, beleid) maar óók over privaatrechtelijke kwesties (verkoop van grond, uitgifte van erfpachtrechten). Ook deze kwesties kunnen namelijk verband houden met de publieke taak van een bestuursorgaan.
Neem dan contact op met David Wenniger en Jacco van Lint, advocaten Vastgoed en Overheid.
Wij zetten onze kennis van de Woo in voor zowel private partijen alsook voor (semi private) bestuursorganen.
Wilt u elke maand een overzicht van updates en blogs in uw mailbox? Schrijf u dan in voor onze nieuwsbrief!