
In de maand van de medezeggenschap staan wij stil bij de medezeggenschap in diverse sectoren. Nadat de medezeggenschap in het onderwijs en medezeggenschap bij de overheid de revue zijn gepasseerd richten we ons in dit blog op de medezeggenschap in het onderwijs.
Medezeggenschap in het onderwijs is belangrijk. Mensen die het onderwijs van binnenuit kennen, zoals leerlingen/ studenten, ouders, medewerkers, leerkrachten/ docenten, moeten kunnen meebeslissen over beleid dat hen raakt. De medezeggenschap in het onderwijs is extra complex omdat de verschillende stakeholders in verschillende organen zijn vertegenwoordigd én omdat de medezeggenschap zowel centraal als decentraal is georganiseerd.
Daarnaast hanteert de onderwijssector voor de medezeggenschap verschillende wettelijk kaders :
Hoe verschillend de samenstelling van de verschillende medezeggenschapsorganen en de medezeggenschapsregelingen ook zijn, zij delen dezelfde kern: het medezeggenschapsorgaan moet advies kunnen geven op een moment waarop dit nog wezenlijke invloed heeft op de besluitvorming. Juist wanneer bij de besluitvorming externe partijen zijn betrokken, kan dit in de praktijk een uitdaging zijn.
Een voorbeeld: sluiting of verhuizing van een school in het primair of voortgezet onderwijs
Dat wordt duidelijk in situaties waarin bijvoorbeeld een school op termijn moet sluiten of verhuizen. Dan ontstaat er een complexe driehoek tussen het bevoegd gezag, de medezeggenschap en de gemeente. De gemeente bepaalt in het kader van het Integraal Huisvestingsplan (IHP) de huisvestingsopgave en het bevoegd gezag sluit vervolgens uitvoeringsovereenkomsten met de gemeente. De medezeggenschap moet in dit proces adviseren over besluiten, maar die zijn vaak al sterk ingekaderd door de afspraken die zijn gemaakt. Voor de medezeggenschap is dit ingewikkeld: hij moet de belangen van medewerkers, ouders en leerlingen bewaken, terwijl het besluitvormingsproces in sommige gevallen al ver gevorderd is.
Hoe zorg je dat de medezeggenschap daadwerkelijk invloed kan uitoefenen? Door niet te denken in standpunten, maar te zoeken naar gezamenlijke belangen. Alle betrokkenen willen uiteindelijk hetzelfde: goed, toekomstbestendig onderwijs voor leerlingen én een gezonde, veilige leer- en werkomgeving. Om al die belangen in kaart te brengen en goed te kunnen afwegen is vroege betrokkenheid van de medezeggenschap essentieel. De zeggenschap en de medezeggenschap kunnen dan samen richting externe partijen optreden, informatie uitwisselen en alternatieven verkennen. Dit vraagt om samenwerking, vertrouwen en een open communicatie. Die investering in een goede werkrelatie betaalt zich snel terug. Vroegtijdige medezeggenschap zorgt voor beter onderbouwde besluiten, meer draagvlak binnen de onderwijsinstelling en een sterkere positie richting derden, waardoor processen soepeler, constructiever en met minder risico’s verlopen.
1. Zorg voor tijdigheid
Betrek de medezeggenschap vanaf de verkenning, niet pas bij de uitwerking. Tijdige betrokkenheid leidt tot betere besluitvorming.
2. Investeer in gelijke informatiepositie
Deel documenten, planning en afspraken volledig, in duidelijke taal en transparant. Dit is belangrijk omdat een medezeggenschapsorgaan alleen goed adviseren als iedereen tijdig over de juiste informatie beschikt.
3. Werk vanuit gezamenlijke belangen, niet vanuit standpunten
Formuleer eerst wat alle betrokkenen willen bereiken (goed onderwijs, veiligheid, continuïteit) en ga van daaruit pas naar de besluitopties. Hierdoor ontstaat draagvlak en verdwijnen schijntegenstellingen.
Lees hier onze andere blogs in het kader van de Maand van de Medezeggenschap:
Heb je vragen over medezeggenschap in de onderwijssector? Neem dan contact op met Laura Gringhuis, Advocaat Arbeid & Medezeggenschap of Barbara van Dam-Keuken, Juridisch medewerker Arbeid & Medezeggenschap.
Wil je elke maand een overzicht van updates en blogs in jouw mailbox? Klik dan hier om je in te schrijven voor de nieuwsbrief!