
In deze tiendelige blogreeks staan we stil bij de levensloop van een onderneming. Welke rechtsvorm kies ik? Wat is nodig voor de oprichting van een vennootschap? Hoe eindigt een vennootschap? Wie zijn de betrokken stakeholders en hoe ga je om met een zakenpartner die vertrekt? In dit eerste deel bespreken we de verschillende rechtsvormen waaruit kan worden gekozen.
Voordat met een onderneming wordt begonnen, is het verstandig stil te staan bij de te kiezen rechtsvorm. Er zijn veel verschillende mogelijkheden met mogelijk verstrekkende gevolgen. Het is daarom altijd belangrijk om de rechtsvorm te kiezen die past bij het type onderneming.
Vaak worden kleine bedrijven gestart in de vorm van een eenmanszaak. Zoals de naam al doet vermoeden, wordt dit type bedrijf geleid door één persoon. Het voordeel van een eenmanszaak is dat het eenvoudig is te starten. Aan een eenmanszaak kleven echter ook diverse nadelen. Zo is de ondernemer in privé aansprakelijk voor alle gemaakte schulden. Dit kan verregaande consequenties voor het privéleven van de ondernemer hebben. Daarnaast is uitbreiding niet mogelijk, omdat een ondernemer slechts één eenmanszaak mag hebben.
Een VOF wordt altijd door twee of meer vennoten opgericht. Elke vennoot dient iets in de VOF in te brengen. Dat kan kapitaal zijn, maar ook arbeid of materieel. Zowel de winst als de verliezen worden vervolgens tussen de vennoten verdeeld. Net als bij de eenmanszaak zijn de vennoten persoonlijk aansprakelijk voor de door de VOF gemaakte schulden. Elke vennoot is in privé aansprakelijk voor de gehele schuld en dus zelfs voor de schulden die de andere vennoot is aangegaan. Dit kan verregaande consequenties hebben.
Een CV is een speciale vorm van de VOF en bestaat altijd uit twee soorten (rechts)personen: beherende vennoten en stille vennoten. De beherend vennoot verricht uitvoerende en leidinggevende taken. De stille vennoot stelt financiële middelen beschikbaar. Beherend vennoten hebben de dagelijkse leiding binnen de CV en kunnen daardoor met hun gehele privévermogen aansprakelijk worden gehouden voor door de CV aangegane schulden. Stille vennoten mogen geen bestuurstaken verrichten binnen de CV; zij zijn alleen ‘geldschieter’. Zij kunnen daardoor in beginsel ook niet in privé worden aangesproken voor schulden van de CV. Op het moment dat een stille vennoot toch bestuurstaken verricht kan hij wél met zijn privévermogen aansprakelijk worden gehouden.
Een besloten vennootschap kan door één of meerdere (rechts)personen worden opgericht en betreft een zelfstandige rechtspersoon. Dit betekent dat de BV bezittingen en schulden kan hebben en rechtshandelingen kan verrichten, zoals het aangaan van een overeenkomst. Het kapitaal van de BV is verdeeld in aandelen, die door zowel vennootschappen als natuurlijke personen kunnen worden gehouden. Deze aandelen kunnen worden ge- en verkocht, waardoor het relatief eenvoudig is de gehele onderneming inclusief o.a. contracten, personeel en vastgoed over te dragen.
Het privévermogen van de aandeelhouders is afgeschermd van de BV en is in beginsel slechts beperkt tot de inleg in de BV, tenzij sprake is van onbehoorlijk bestuur.
Het verschil tussen de naamloze en de besloten vennootschap is dat de aandelen van de naamloze vennootschap vrij overdraagbaar zijn (bijvoorbeeld op de beurs). Een NV wordt voornamelijk gebruikt door grotere bedrijven.
Van een beursvennootschap zijn de aandelen vrij verhandelbaar op de beurs. Daarom is een beursvennootschap (nagenoeg) altijd een NV, al hoeft niet iedere NV beursgenoteerd te zijn. Voor beursvennootschappen gelden veel aanvullende regels die voor niet-beursvennootschappen niet gelden. Hierbij kun je denken aan de Corporate Governance Code, regels omtrent diversiteit van de bestuurders en regels omtrent het verplicht bod.
In deel 3 van deze reeks zal verder op de beursvennootschap worden ingegaan.
De vereniging is een rechtspersoon met leden die een gezamenlijk doel hebben. Te denken valt aan sportverenigingen, verenigingen van eigenaren (VVE’s) en buurtverenigingen. Het doel van een vereniging is nooit het behalen van winst, al is het voor een vereniging wel toegestaan om winst te maken. Deze winst mag echter niet worden verdeeld onder de leden, maar dient te worden gebruikt voor het gezamenlijke doel van de vereniging.
Een coöperatie is een speciale vereniging die van oudsher werd gebruikt om spullen en diensten te delen om zo goedkoper in te kunnen kopen. De coöperatie bestaat daarom altijd uit twee of meer (rechts)personen. De winst van de coöperatie wordt gedeeld op basis van de hoeveelheid verricht werk van de verschillende leden.
De aansprakelijkheid van de coöperatie hangt af van de vorm waarvoor wordt gekozen. Het is mogelijk de aansprakelijkheid in zijn geheel uit te sluiten, te beperken of voor de wettelijke aansprakelijkheid te kiezen.
Ook de stichting is een rechtspersoon met een doel. Anders dan de vereniging, heeft een stichting geen leden, al kan de stichting wel sponsoren hebben. Ondanks dat het doel van de stichting niet het maken van winst is, mag een stichting – net als een vereniging – wel winst maken, mits de winst wordt gebruikt voor het doel van de stichting.
In het vervolg van deze blogreeks beperken wij ons tot de VOF, CV, BV, NV en de beursvennootschap.
De meest geschikte rechtsvorm hangt af van uw situatie en uw wensen. Wilt u op een laagdrempelige manier samenwerken met één of meer ondernemers? In dat geval ligt een VOF het meest voor de hand. Het is dan wel van belang om goed na te denken over aansprakelijkheidsrisico’s en onderlinge afspraken. Wilt u uw privévermogen afschermen, heeft u de ambitie om in de toekomst te groeien of verwacht u een investeerder aan te trekken? Dan biedt een BV of NV meer flexibiliteit.
Heeft u vragen over de verschillende rechtsvormen? Neem dan gerust contact op met Manon Hoekstra of Jarno de Graaf, advocaten Ondernemingsrecht.
Deze blog maakt onderdeel uit van de blogreeks ‘De levensloop van een onderneming’.
1. Welke rechtsvorm kies ik? De VOF, CV, BV en NV uitgelegd.
2. Hoe richt ik een vennootschap op?
3. De beursvennootschap
4. Wat is het verschil tussen een statutair bestuurder en een directeur?
5. Samenwerking tussen aandeelhouders en bestuurders
6. Overnames en investeringen
7. Geschillen met klanten
8. Wat gebeurt er als een medeaandeelhouder vertrekt?
9. Hoe kan ik een faillissement voorkomen?
10. De beëindiging van de vennootschap
Wilt u elke maand een overzicht van updates en blogs in uw mailbox? Schrijf u dan in voor onze nieuwsbrief.